A | A | A

Nationale volksverzekering

15-10-2009 // Alle Noorse burgers en personen die in Noorwegen werkzaam zijn, hebben automatisch het recht zich aan te melden bij het Noorse Nationale Verzekeringsstelsel, een door het rijk ingesteld verzekeringsstelsel dat de daarbij aangesloten verzekerden recht geeft op pensioenen (bijvoorbeeld ouderdomspensioen, nabestaandenpensioen, arbeidsongeschiktheidspensioen) alsmede op uitkeringen in verband met (bedrijfs)ongevallen en ziekten, zwangerschap, geboorte, eenoudergezinnen en begrafenissen. Samen met de verzekeringsstelsels voor kinderbijslag en de geldelijke steun aan ouders met jonge kinderen (kontantstøtte) is het Nationale Verzekeringsstelsel het belangrijkste algehele verzekeringsstelsel in Noorwegen.

Eind 1999 was voor zo’n 1,1 miljoen mensen een uitkering via het Nationale Verzekeringsstelsel de voornaamste bron van inkomsten, met inbegrip van circa 900.000 ontvangers van een ouderdomspensioen. In 1999 bedroegen de totale kosten van het verzekeringsstelsel NOK 162 miljard, hetgeen overeenkomt met 13,6% van het BBP en ruwweg 34,3% van de nationale begroting. Het Nationale Verzekeringsstelsel wordt gefinancierd uit de bijdragen van de aangesloten werknemers, zelfstandigen en andere verzekerden, werkgeversbijdragen en bijdragen van het rijk.

Van nationale sociale voorzieningen was voor het eerst sprake in de 18e eeuw. Daarvoor was de familie, kerk of afzonderlijke parochie verantwoordelijk voor het omzien naar armen, zwakkeren of ouderen. De uitbreiding van de sociale voorzieningen en een nationale verzekering is nauw gerelateerd aan het proces van industrialisatie. De industrie bracht nieuwe gezondheidsrisico’s, een grotere mobiliteit en zodoende een verzwakking van de familiebanden met zich mee. Tegelijkertijd zorgde deze voor de economische basis voor sociale hervormingen. De geldigheid van de Noorse Ongevallenverzekering voor Fabrieksarbeiders van 1895 werd geleidelijk aan uitgebreid tot andere beroepsgroepen en werd gevolgd door de introductie van ziekengeld, ouderdomsuitkeringen (1936), werkloosheidsuitkeringen (1939), arbeidsongeschiktheidsuitkeringen (1960) en uitkeringen voor weduwen en alleenstaande moeders (1964). In 1967 werden de sociale uitkeringen die vóór de Tweede Wereldoorlog waren geïntroduceerd in het Nationale Verzekeringsstelsel opgenomen. Betalingen op basis van het stelsel worden vastgesteld aan de hand van het aantal pensioenpunten dat men heeft opgebouwd.


Bron: Bewerking van de Noorse encyclopedie van Aschehoug en Gyldendal / Kristin Natvig Aas   |   Delen op netwerk   |   print