De Noorse vrouwen zijn erin geslaagd om hun politieke invloed te vergroten. Dertig jaar geleden was slechts 15% van de volksvertegenwoordigers in het Storting vrouw, terwijl dit percentage de afgelopen jaren tussen de 36 en 39% lag. De toegenomen gelijkheid tussen vrouwen en mannen in besluitvormende organen hangt nauw samen met de onderwijs- en carrièremogelijkheden voor vrouwen. Kennis, vaardigheden, ervaring, een vrouwvriendelijke houding en welwillendheid zijn echter niet voldoende. De ervaring leert dat het aandeel van vrouwen binnen de politieke organen niet zal toenemen zonder speciale maatregelen in de vorm van campagnes en vrouwenquota.
Speciale vrouwenquota werden reeds in de jaren 70 ingevoerd door de Socialistische Partij en de Liberale Partij. Tegenwoordig passen bijna alle grotere politieke partijen in Noorwegen een quotumregeling toe bij het samenstellen van de kandidatenlijsten voor verkiezingen en de bestuurlijke organen van de partijen op alle niveaus. Deze quotumregelingen zijn vrijwillig en door de partijen zelf opgelegd. Noorwegen kent geen juridische voorschriften voor een evenredige verdeling tussen mannen en vrouwen binnen politieke partijen of andere rechtstreeks gekozen organen.
Er is ook een quotumregeling ingevoerd voor openbaar benoemde commissies, besturen en raden. Dertig jaar geleden was het aandeel van vrouwen binnen dergelijke organen slechts 11%. In de Wet gelijke behandeling werden in 1981 bepalingen opgenomen betreffende de verhouding tussen het aantal mannen en vrouwen in openbaar benoemde commissies e.d., en vanaf 1988 geldt voor elke sekse een minimumeis van 40%. Na deze laatste wetswijziging is het vrouwenaandeel gestegen van 22 procent tot 40 procent in 1997.
In 1986 stelde minister-president Gro Harlem Brundtland een regering samen met een recordaantal vrouwen. Sindsdien is er geen enkele regering geweest die voor minder dan 40 procent uit vrouwen bestond.
Het vrouwenaandeel in Raden van Bestuur
Gemiddeld 8,5% van de leden van de Raden van Bestuur (door aandeelhouders en werknemers gekozen vertegenwoordigers) van naamloze vennootschappen in de particuliere sector in Noorwegen is vrouw (cijfers van juli 2003). Bij staatsbedrijven ligt dit aandeel op 45,7% (cijfers van maart 2003).
Met ingang van 1 januari 2004 zijn de wettelijke bepalingen betreffende de samenstelling van de directies van staatsbedrijven gewijzigd. In de directies van dergelijke bedrijven moeten beide geslachten met minimaal 40% vertegenwoordigd zijn.
Gelijktijdig werden vergelijkbare wijzigingen aangenomen voor naamloze vennootschappen in de particuliere sector, maar in overleg met het particuliere bedrijfsleven zouden deze niet worden doorgevoerd als het gewenste evenwicht tussen mannen en vrouwen vrijwillig bereikt werd voor 1 juli 2005. Uit cijfers van het Noorse bureau voor de statistiek (SSB) blijkt dat er op 1 juli 2005 519 naamloze vennootschappen in de particuliere sector waren in Noorwegen. Hiervan voldeden 68 (13,1%) aan alle wettelijke eisen wat betreft de vertegenwoordiging van vrouwen. Het gemiddelde percentage vrouwen in de Raden van Bestuur (door aandeelhouders en werknemers gekozen) in Noorse naamloze vennootschappen in de particuliere sector bedroeg 15,5%. Op grond van deze informatie besloot het kabinet Stoltenberg II om de wet met ingang van 1 januari 2006 in werking te laten treden.
Ter vergelijking blijkt uit cijfers van het SSB dat ongeveer 60 procent van alle studenten op hogescholen en universiteiten vrouw is, en dat er in de bevolking als geheel meer vrouwen zijn dan mannen die een universitaire of hogeschoolopleiding hebben gevolgd.
Deze wetgeving geldt niet voor besloten vennootschappen. In Noorwegen zijn dit meestal kleine familiebedrijven waarvan de eigenaars natuurlijke personen zijn die deel uitmaken van hun eigen directie. Voor dit soort bedrijven is deze wetgeving minder geschikt. Bij naamloze vennootschappen zijn de aandelen echter verdeeld over meerdere aandeelhouders en is de bedrijfsleiding minder persoonlijk van aard.
Bron: het Noorse ministerie van Kinderen en Emancipatie
Links:
Een evenwichtige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen in Raden van Bestuur <http://odin.dep.no/bfd/engelsk/gendereq/004051-990346/index-dok000-b-n-a.html>