Munch werd op 12 december 1863 in Løten in de provincie Hedmark geboren. De vroege dood van zijn moeder en oudste zuster, zijn eigen ziekelijkheid en het religieuze fanatisme van zijn vader maakten een onuitwisbare indruk op hem en verleenden zijn kunst het karakter van een rusteloos zelfonderzoek.
Het zieke kind
Amper 20 jaar oud schilderde hij zijn eerste volwassen werk, Ochtend, van een jong, halfontkleed meisje op de rand van een bed. Het is een meesterlijk uitgevoerde naturalistische studie van licht en sfeer.
Een nieuwe schilderstijl, weg van de ingetogenheid van het naturalisme, brak door met Het zieke kind (1885-1886, en later vele malen herhaald), waarin een pijnlijke herbeleefde jeugdherinnering een uitdrukkingsvorm van zeldzame eenvoud en strengheid heeft gekregen.
De Schreeuw – een expressionistische doorbraak
In 1893 verscheen Munchs expressionistische doorbraak met het werk De Schreeuw. Dit schilderij wordt gezien als een krachtige, fundamentele uitdrukking van existentiële angst. Dit is een van de meest toegepaste motieven ter wereld, dat op talloze bekers, muismatten, boekomslagen en T-shirts staat afgebeeld.
Daarna verschenen achtereenvolgens Vampier, Madonna, De Stem, As, De dans van het leven en de grote compositie De vrouw in drie stadia (1894). Dit laatstgenoemde werk wordt vaak beschreven als een samenvatting van Munchs kenmerkende ambivalente visie op vrouwen.
Grafisch werk
In 1894 begon Munch met zijn grafische werk, eerst etsen en lithografie, en een paar jaar later houtsnijwerk, waarmee hij een radicale verandering tot stand bracht. Afdrukken als Het zieke kind, De kus en Madonna horen tegenwoordig tot de hoogst gewaardeerde moderne grafische werken. De grafische productie van Munch omvat meer dan 700 stukken, waarvan ongeveer 200 etsen en 140 houtsnijwerken. De rest bestaat uit lithografieën. Wat de onderwerpen betreft, sluiten deze nauw aan bij zijn schilderijen.
Muurschilderingen in de universiteit van Oslo
Munchs werk uit het eerste decennium van de twintigste eeuw getuigt van zijn zenuwinzinking, die uitliep op een verblijf van een halfjaar in een kliniek in Kopenhagen (1908-1909). Na zijn vertrek uit de kliniek keerde hij naar Noorwegen terug en vestigde hij zich in Kragerø. Met hernieuwde kracht begon hij aan een gigantische opdracht – het decoreren van de aula van de universiteit van Oslo, die hij ondanks felle tegenstand van de concurrentie had binnengehaald. De aula werd in 1916 ingewijd en de muurschilderingen werden al snel als een van de hoofdwerken van Noors monumentaal schilderwerk beschouwd.
Edvard Munch overleed op 23 januari 1944.
Collecties
De grootste collectie van Munchs werken is tegenwoordig eigendom van het Munchmuseum in Oslo. Nasjonalgalleriet, het Nationale Kunstmuseum, in Oslo bezit een aantal belangrijke werken en een ruime selectie van zijn grafisch werk. Het Bergen Kunstmuseum bezit diverse schilderijen en ongeveer 100 grafische werken.
Munchs werken zijn ook te vinden in andere grote Scandinavische musea en in vele Duitse en Zwitserse collecties.
Gestolen schilderijen
De versie van De Schreeuw die eigendom is van de Nationale Galerie werd in februari 1994 gestolen en kwam ongeveer drie maanden later weer boven water. In augustus 2004 werden De Schreeuw van het Munchmuseum en het schilderij Madonna gestolen bij een gewapende overval. Ze werden twee jaar later teruggevonden.